IP lingo: Privacykramp

Door: Rob Feenstra

Het oudste Nederlandse geschrift waarin we kramp (crampe) tegenkomen dateert van 1287. Het woord privacy doet in de jaren veertig van de vorige eeuw zijn intrede in de Nederlandse taal. De samenstelling privacykramp duikt pas op in 2016. Die eerste keer ging het over big data, maar in de jaren daarna wordt het steeds gebruikt in relatie tot de AVG. Logisch, want in die periode was Nederland volledig in de ban van deze nieuwe privacywet. Organisaties stelden verwerkersovereenkomsten op, overal verschenen privacyfunctionarissen en IT-afdelingen verwijderden gevoelige, maar niet per se noodzakelijke gegevens van hun servers. 

Onlangs maakte de Volkskrant een rondje langs verschillende instanties om te zien hoe men nu omgaat met de wet en dat gaf de auteur alle aanleiding om het begrip opnieuw van stal te halen. Veel organisaties nemen uit angst voor boetes het zekere voor het onzekere, zo blijkt uit het artikel. De overheid heeft jarenlang flink geïnvesteerd in geautomatiseerde gegevensuitwisseling tussen organisaties, maar die blijven nu vaak krampachtig op hun data zitten. Dat leidt nogal eens tot stroperigheid en inefficiëntie. Het UWV ziet zich bij het opsporen van fraudegevallen bijvoorbeeld geplaatst voor problemen omdat de Belastingdienst en gemeenten niet erg toeschietelijk zijn bij het leveren van de nodige gegevens. 

De overheid probeert via de website kiezen-en-delen.nl duidelijkheid te scheppen over de mogelijkheden voor gegevensuitwisseling binnen het sociaal domein (kortweg alles wat te maken heeft met zorg en ondersteuning van mensen met een hulpvraag). Maar wie bijvoorbeeld de lijvige handreiking heeft gelezen over gegevensuitwisseling in de bemoeizorg voor zorgwekkende zorgweigeraars (ik verzin dit niet), zal niet het idee hebben dat er nu een helder licht wordt geworpen op de hier en daar toch wat onduidelijke wetgeving.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft sinds de invoering van de AVG nog maar weinig boetes uitgedeeld. Gek genoeg is dat nu júist een reden waarom de privacykramp er bij veel instellingen is ingeschoten. Het grote grijze gebied tussen wat wel en wat niet mag zou een stuk kleiner kunnen zijn wanneer de AP vaker voor concrete situaties aangaf wat wél en wat niet mag. Aleid Wolfsen, voorzitter van de Autoriteit Persoonsgegevens, kondigde voor dit jaar serieuze handhaving aan, maar zijn organisatie is (nog) te klein om voldoende onderzoek te doen. De kansen voor privacykramp om Van Dale te halen groeien.

Rob Feenstra is projectleider/consultant bij de Universitaire Bibliotheken Leiden; heeft als aandachtsgebieden bibliotheeksystemen en de digitale bibliotheek

Deze bijdrage komt uit IP nr. 6 / 2019. Het gehele nummer kun je hier lezen.