Ministeries beantwoorden verzoeken voor de Wet open overheid sneller

Ministeries hebben vorig jaar verzoeken voor de Wet open overheid (Woo) sneller beantwoord. Toch duurt het nog steeds te lang voordat ministeries reageren en er zijn grote verschillen tussen de departementen.

Dat blijkt uit een onderzoek dat het Instituut Maatschappelijke Innovatie, Open State Foundation en de Universiteit van Amsterdam dinsdag aanbieden aan de Tweede Kamer.

Burgers, maatschappelijke organisaties en journalisten kregen vorig jaar gemiddeld na 143 dagen antwoord. In 2024 was dat nog 188 dagen. De wettelijke, maximale termijn van 42 dagen wordt dus nog bij lange na niet gehaald.

Trage ministeries

Ook het aantal besluiten dat te laat komt is gedaald van 83 naar 77 procent. Van de ministeries is Asiel en Migratie het langzaamst met het beantwoorden van informatieverzoeken. Zij doen er gemiddeld ruim acht maanden over. Het ministerie van Algemene Zaken is het snelst, met gemiddeld iets meer dan twee maanden.

Het ministerie van Financiën, Justitie en Veiligheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport overschrijden de wettelijke termijn al jaren met meer dan 400 procent. Volgens de onderzoekers liggen dossiers gemiddeld 130 dagen lang te wachten.

Informatie weggelakt

In de meeste Woo-besluiten wordt informatie weggelakt, zo blijkt uit het onderzoek. Dat gebeurt het vaakst om persoonsgegevens te beschermen. Bij meer dan de helft van de besluiten waarin informatie onzichtbaar is gemaakt, voerde de overheid aan dat dit was gedaan voor ‘het goed functioneren van de Staat’.

De onderzoekers stellen dat die wettelijke grond gebruikt lijkt te worden als ‘duizenddingendoekje’ als de overheid bepaalde informatie niet wil openbaren. Ze roepen op terughoudend te zijn met lakken.

Bron: Volkskrant/ANP.