Een decennium researcher-in-residence: ‘Gelijkwaardige samenwerking en warme contacten’

Door Marijn Biekart

Sinds 2014 nodigt de KB jaarlijks twee beginnende onderzoekers uit om zes maanden onderzoek te komen doen met datasets van de nationale bibliotheek. De onderzoekers, vaak afkomstig uit de digital humanities, kunnen voor hun eigen onderzoeksproject gebruikmaken van de inhoudelijke en technische kennis die zich in de KB bevindt. Op haar beurt kan de KB leren van de wensen en methoden van de wetenschappers om haar dienstverlening te optimaliseren. Terugblik op tien jaar researcher-in-residence.

Laten we bij het begin beginnen: waarom wordt het researcher-in-residenceprogramma in eerste instantie opgezet? Eigenlijk ligt de oorsprong ervan nog zo’n tien, vijftien jaar vóór de start in 2014, als internet de verankerde wetenschappelijke methoden compleet door elkaar schudt. De oorspronkelijke wetenschappelijke gebruiker van de diensten en collecties van de KB, veelal afkomstig uit de geesteswetenschappen, doet vooral onderzoek met of naar de fysieke materialen in de collectie, maar door de digitale revolutie verandert dit compleet. De bibliotheek is plotseling in staat om gedigitaliseerd materiaal in grote volumes beschikbaar te stellen. Hoe kan een onderzoeker hier gebruik van maken? Met welke uitdagingen gaat deze digitale transformatie gepaard? Welke kansen voor geesteswetenschappelijk onderzoek liggen er? Er zijn veel vragen die moeten worden beantwoord. Digitale objecten kun je immers op een heel andere manier bestuderen dan fysieke.

Computationele methoden

Als reactie op deze ontwikkelingen ontstaat in de wetenschap een interdisciplinair onderzoeksveld waarin computationele methoden worden gebruikt om traditionele vragen in de geesteswetenschappen te beantwoorden. Deze nieuwe methoden leiden ook tot een verandering in de manier waarop de KB onderzoekers benadert: diensten moeten niet voor, maar met onderzoekers worden ontwikkeld. Met name dankzij de inspanning van KB-collega Lotte Wilms wordt het researcher-in-residenceprogramma opgezet. Het doel hiervan is om de dienstverlening aan onderzoekers te verbeteren en om samenwerkingen te stimuleren.

Door onderzoekers uit te nodigen op locatie onderzoek te doen met digitale bronnen, krijgt de KB een betere indruk van de behoeften van deze doelgroep. Een aangename bijkomstigheid is dat de bibliotheek op haar beurt kan profiteren van de inhoudelijke en technische expertise van de gastonderzoekers. De resultaten van de onderzoeksprojecten kunnen daarnaast beschikbaar worden gesteld in het KB Lab, het experimentele onderzoeksplatform van de KB. Hier worden tools, datasets en tutorials gepubliceerd die door en voor gebruikers van de digitale collecties van de KB zijn ontwikkeld. Iedereen die geïnteresseerd is, zowel wetenschappers als hobbyonderzoekers, kan in het KB Lab meer leren over het onderzoek dat in de bibliotheek wordt verricht (wat zich overigens niet beperkt tot researcher-in-residenceprojecten).

Hulp bij het programmeren

Die wisselwerking tussen gastonderzoekers en KB-medewerkers gaat echter twee kanten op: onderzoekers profiteren ook van de inhoudelijke en technische kennis van KB’ers. Zij worden zowel ondersteund door een inhoudelijk expert als door een technisch ontwikkelaar vanuit de bibliotheek. Zo maken veel onderzoekers, die doorgaans vooral theoretisch zijn opgeleid, gebruik van hulp bij het programmeren. Uit een externe evaluatie van het researcher-in-residenceprogramma in 2019, geschreven door Michael Gasser, blijkt dat de eerste gastonderzoekers het programma voornamelijk zien als een plek waar computer- en geesteswetenschappen elkaar ontmoeten. Latere gastonderzoekers beschouwen het meer als een kans om iets nieuws te leren in het veld van digital humanities. Daarnaast toont de evaluatie aan dat gastonderzoekers hun project als een gelijkwaardige samenwerking zien tussen de KB en henzelf.

Samenwerking diverse universiteiten

Verder versterkt het researcher-in-residenceprogramma de nationale infrastructuur, doordat wordt samengewerkt met onderzoekers van verschillende universiteiten. Inmiddels bestaat er een hechte relatie tussen de KB en diverse gastonderzoekers, en weten zij elkaar te vinden als dat nodig is. Zo vormden KB-collega’s en eerdere gastonderzoekers afgelopen najaar een onderzoeksgroep voor een project rondom large language models (de drijvende kracht achter generatieve AI, zoals ChatGPT). De groep onderzocht het gebruik van generatieve AI om met natuurlijke taal de KB-collecties te doorzoeken in plaats van met trefwoorden (zie IP #2-2024). De KB koestert dit soort samenwerkingen. Als knooppunt tussen wetenschap, erfgoed en de openbarebibliotheeksector is een sterk netwerk voor de KB van onschatbare waarde.

Voorbeeld voor andere instellingen

In 2014 wordt het researcher-in-residenceprogramma dus een feit. Met dit programma, in combinatie met het KB Lab, fungeert de KB als voorbeeld voor andere nationale bibliotheken en onderzoeksinstellingen. Hoewel veel inspiratie wordt opgedaan bij de British Library, is de KB voorloper op het gebied van experimenteel digitaal onderzoek binnen de GLAM (Galleries, Libraries, Archives and Museums)-gemeenschap. Daarbij komt dat de KB andere instellingen in de sector helpt met het opzetten van onderzoeklabs. Zo schrijft Lotte Wilms over haar ervaringen met het oprichten van het KB Lab, hetgeen – in samenwerking met andere experts – resulteert in het boek Open a GLAM Lab. De KB is trots op het feit dat ze digitaal geesteswetenschappelijk onderzoek op deze manier vooruit kan helpen en een inspiratiebron kan zijn voor andere GLAM-instellingen.

Automatische beeldherkenning

Natuurlijk wordt ook inhoudelijk van de onderzoeksprojecten binnen het programma veel geleerd en ontstaan mooie samenwerkingen. In tien jaar tijd komt een breed scala aan onderwerpen voorbij. Denk aan onderzoeken naar genderstereotypes in kranten, verbetering van optical character recognition (OCR), de representatie van Nederlandse musea op het internet en verrijkingen van muzikale vermeldingen in kranten.

Een goed voorbeeld van een project dat de doelen van het researcher-in-residenceprogramma ondersteunt, is dat van de gastonderzoekers in 2017, Melvin Wevers en Thomas Smits. Of beter: projecten, want het betreft een combinatie van twee onderzoeken: Combining textual content and non-textual features of digitized newspaper advertisements to study historical developments in the Dutch consumer society en Illustrations to photographs: using computer vision to analyse news pictures in Dutch newspapers, 1860-1940. Het is de eerste keer dat het programma ruimte biedt voor het gelijktijdig uitvoeren van projecten, met een grote mogelijkheid tot kruisbestuiving als gevolg.

Beide onderzoeksprojecten gaan over automatische beeldherkenning en -analyse, iets waar de KB dan nog weinig ervaring mee heeft. Hierdoor ontstaat een vruchtbare samenwerking tussen de twee onderzoeksteams (beide bestaande uit een onderzoeker en een ondersteuner vanuit de KB). Door snel handen en voeten te geven aan de voorstellen, leveren de projecten twee prototypes op die kunnen worden gebruikt om visueel aan de slag te gaan met een deel van de collectie. Dit is natuurlijk een mooie uitkomst, maar de goede samenwerking die tijdens de residentie tot stand komt, is voor de KB een hoogtepunt. Er is namelijk niet alleen warme contact tussen de onderzoekers en de KB, maar ook tussen Melvin Wevers en Thomas Smits onderling. Zo zijn zij beiden betrokken bij het eerdergenoemde onderzoek naar generatieve AI en werkten ze na hun residentie meerdere keren samen aan publicaties.

Volwassen programma

Inmiddels is het researcher-in-residenceprogramma uitgegroeid tot een volwassen programma waar onderzoekers uit verschillende disciplines op afkomen. Het biedt kansen aan jonge academici voor wie residentie een boost kan zijn voor hun carrière. Verder is het programma er de laatste jaren meer op ingericht om aan te sluiten op de Onderzoeksagenda van de KB en op de doelen van samenwerkingspartners, zoals Cultural AI Lab. Op deze manier wordt het ingezet om verschillende terreinen van de KB te laten samenkomen.

Omdat de nationale bibliotheek inmiddels veel meer weet over onderzoek doen met of naar digitale collecties dan tien jaar geleden, veranderen ook de onderzoeksprojecten binnen het researcher-in-residenceprogramma. Er wordt bijvoorbeeld voor het eerst onderzoek uitgevoerd met de born digitalcollectie van de KB, zoals gastonderzoeker in 2023 Jesper Verhoef (Erasmus Universiteit Rotterdam) doet met de LGBT+-webcollectie (zie IP #9-2023). Op basis van hyperlinkanalyse weet hij nieuwe inzichten te vergaren over de online wereld van de Nederlandse LGBT+-gemeenschap. 

Immersieve technologie en bias

Een andere nieuwe toepassing voor KB-collecties is immersieve technologie, een verzamelnaam voor technieken waarmee iemand in een ervaring wordt ‘ondergedompeld’, zoals bij virtual reality. Gastonderzoeker in 2022 Willemijn Elkhuizen (TU Delft) deed onderzoek naar het gebruik van immersieve technologie voor het ‘ervaren’ van pop-upboeken.

Op dit moment is gastonderzoeker Lucas van der Deijl (Rijksuniversiteit Groningen) bezig met zijn onderzoek naar theateredities uit de periode 1500-1700 uit de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren (DBNL). Hij wil van deze selectie een gestandaardiseerd corpus maken dat aan internationale voorschriften voldoet. Omdat toneel uit deze periode een internationaal karakter had, is het interessant om het corpus in een internationale context te kunnen bestuderen. Daarnaast worden door dit project de internationale banden van de KB versterkt. Later dit jaar zal het tweede researcher-in-residenceproject van 2024 van start gaan. Vicky Breemen en Kelly Breemen (beiden Universiteit Utrecht) zullen onderzoek gaan doen naar bias in de collecties van de KB. Een belangrijk thema waarmee de KB actief bezig is.

De rol van AI

Omdat de KB, zoals gezegd, nu veel meer over digital heritage weet dan tien jaar geleden, verandert langzaam de insteek van het researcher-in-residenceprogramma. In de afgelopen jaren is er veel van gastonderzoekers geleerd, waardoor de KB nu redelijk goed op de hoogte is van ontwikkelingen binnen het veld. Daarmee verschuift ook de focus naar het ontdekken van nieuwe onderzoeksmethoden en nieuwe toepassingen voor de digitale collecties. Zoals het gebruik van immersieve technologie. Verder is de KB geïnteresseerd in de rol die AI kan spelen voor onderzoekers die met de collecties aan de slag willen.

Wat de afgelopen jaren keer op keer duidelijk is geworden, is dat de samenwerking tussen gastonderzoekers en de KB een goede manier is om twee werelden, wetenschap en erfgoed, met elkaar te verbinden. Samen komen we nu eenmaal verder dan alleen.

Interne evaluatie

Omdat de wetenschap constant aan verandering onderhevig is, is het goed om het researcher-in-residenceprogramma niet te zien als een statisch iets. Momenteel wordt het daarom intern geëvalueerd: de KB wil blijven leren van onderzoekers, op een manier die past bij deze tijd. De toekomst van het programma kan dus op verschillende manieren worden ingevuld. Hoe dat er ook komt uit te zien: de KB hoopt te kunnen blijven leren van de wetenschap en haar netwerk te kunnen blijven onderhouden en uitbreiden.


Summerschool en KB_Datalab
Het researcher-in-residenceprogramma is niet de enige manier waarop de KB (jonge) wetenschappers bedient. Zo wordt in juni 2024 de eerste in-house Summerschool Digitale Collecties georganiseerd, waar beginnende onderzoekers wegwijs worden gemaakt in de digitale collecties van de KB en waar ze kunnen leren hoe ze deze bronnen kritisch tegen het licht kunnen houden. Op het moment van publicatie is de inschrijving voor de Summerschool helaas al gesloten, maar via het KB Lab-platform kun je op de hoogte blijven. Op dit platform zullen ook tutorials worden gepubliceerd die tijdens de Summerschool worden gebruikt.
Een andere nieuwe ontwikkeling voor onderzoekers die van de digitale collecties gebruik willen maken, is het in februari dit jaar geopende KB_Datalab. Dit is een werkruimte in de KB in Den Haag waar onderzoekers toegang kunnen krijgen tot beschermde digitale collecties. In het lab kan onder bepaalde voorwaarden computationeel onderzoek worden gedaan met data die vanwege auteursrecht of privacyregels, of om andere redenen, buiten de KB niet toegankelijk zijn.


Marijn Biekart is junior AI-onderzoeker bij de KB, de nationale bibliotheek.

Deze bijdrage komt uit de papieren IP #4-2024. Het hele nummer kun je hieronder lezen of downloaden.