Kracht van netwerken

Hé, hallo!

Jonge professionals in het informatiedomein sluiten zich aan bij netwerken als Jong Bibliotheek Netwerk en JONG archivarissen. En millennial medewerkers van de Koninklijke Bibliotheek verenigen zich in Jong KB. Wat doen deze netwerken en wat is hun toegevoegde waarde?

Door: Ronald de Nijs

In de zomer van 2018 maakte IP een ‘30 onder 30’-productie. Bij het vinden van jonge professionals kreeg de redactie hulp van onder andere JONG archivarissen, het Jong Bibliotheek Netwerk (JBN) en Jong KB. De 30 onder 30-lijst inspireerde de redactie tot het maken van deze millennialspecial. En daarin mocht een interview met vertegenwoordigers van deze drie netwerken niet ontbreken. Eind december bracht IP drie ervan samen: Sanne van Haaster, coördinator Huisvesting bij de KB nationale bibliotheek, Tamar van Moolenbroek, teamleider Informatie bij de Bibliotheek Den Haag, en Kevin van Tuil, Adviseur Digitale Ontwikkeling bij het Regionaal Archief Rivierenland.

‘Hoe kunnen we de Koninklijke Bibliotheek (KB) aantrekkelijker maken voor jonge medewerkers? Over die vraag sprak ik een paar jaar geleden met collega’s van HRM,’ vertelt Sanne van Haaster. ‘Dat heeft geleid tot Jong KB, want het is fijn als je nieuwe medewerkers kunt vertellen dat er een jongerennetwerk is. Aanvankelijk hadden we 30 mensen onder de 30 gevonden, wat niet veel is op zo’n 500 medewerkers! Daarom hebben we de leeftijd opgeschroefd naar 35 jaar. Inmiddels staat de teller op zo’n 80 deelnemers; iedereen in die leeftijdsgroep is welkom. Jong KB heeft korte lijnen met HRM, maar is een zelfstandig orgaan.’

Die leeftijdskwestie komt Tamar van Moolenbroek bekend voor. ‘Ook wij hebben de leeftijd verhoogd naar 35 jaar, om zo meer mensen te trekken.’ Het netwerk is in 2015 begonnen als Jong Bibliothecarissen Netwerk, een naam die eind 2018 is veranderd in Jong Bibliotheek Netwerk (JBN). ‘Een groot deel van de achterban blijkt zich namelijk geen “bibliothecaris” te voelen, wel bibliotheekmedewerker,’ legt Tamar uit. ‘Het openbaar bibliotheekwerk in de brede zin van het woord is de verbindende factor in het JBN. Dit betekent dat niet alleen collega’s uit lokale bibliotheken, maar ook mensen van Provinciale Ondersteunende Instellingen (POI’s), de Vereniging van Openbare Bibliotheken (VOB) en organisaties als NBD Biblion en Passend Lezen zich bij ons kunnen aansluiten. We gaan inmiddels richting de 300 deelnemers.’

Doorstart

JONG archivarissen kent als enige in dit gezelschap geen leeftijdsgrens. ‘Het netwerk komt voort uit een eerder initiatief, genaamd SNAAI (Sectie Nieuwe en Aankomend Archivarissen van de Koninklijke Vereniging van Archivarissen in Nederland / KVAN en BRAIN),’ legt Kevin van Tuil uit. ’Toen ik in 2017 bij SNAAI kwam, was het een schim van wat het ooit was. Onder de naam JONG Archivarissen hebben we een doorstart gemaakt.’

Gekozen is voor een andere aanpak. ‘We werken niet meer met leden en in plaats van een bestuur hebben we een kerngroep die activiteiten op inschrijving organiseert. Samen met Lisa Lucassen en Anthony van der Wulp vorm ik die kerngroep.’ De doelgroep is hetzelfde gebleven: bijna afgestudeerde en net gestarte archivarissen. Omdat die in allerlei leeftijdsgroepen zitten, is de leeftijdsgrens losgelaten.

Verbondenheid

Het netwerk is nog altijd verbonden aan KVAN-BRAIN. ‘Dat brengt niet alleen financiële middelen met zich mee, waarvoor we dankbaar zijn, maar ook heeft het bestuur van KVAN-BRAIN de nodige kennis en een netwerk waar we voordeel van hebben. Het bestuur wil ook graag betrokken worden bij onze plannen, en dat is erg fijn.’

Tamar voegt eraan toe dat ook het JBN geen leden kent. ’Als officiële vereniging met leden ben je gebonden aan vaste structuren, bijvoorbeeld wat betreft financiën of bestuursindeling, en wij willen juist weg van officiële besturen.’ Maar het JBN kent net als JONG Archivarissen wel een zekere verbondenheid met een vakvereniging. ‘Voor elke georganiseerde bijeenkomst geeft de VOB ons een vergoeding. ‘Daar zijn we erg blij mee,’ benadrukt Tamar, die daarnaast ook andere sponsorgelden – ‘een tijdrovende klus’ – binnenhaalt. ’We proberen de toegang voor bijeenkomsten gratis en daarmee laagdrempelig te houden. Het is voor werkgevers vaak al een hele investering als medewerkers binnen werktijd onze bijeenkomsten mogen bezoeken.’

In real life

De toegevoegde waarde van de netwerken is het ‘in real life’ ontmoeten van vakgenoten. ‘Het gaat om het met elkaar in dialoog gaan,’ beaamt Kevin. ‘Vaak zijn het ook wat persoonlijker gesprekken en dan is het prettig er een look and feel bij te hebben. Dat kan alleen face to face.’ Tamar vindt het persoonlijke contact ook belangrijk, maar wijst erop dat het JBN tevens een actieve Facebookgroep heeft die kennis en ideeën deelt. ‘Zonder dat digitale aspect waren we nooit zo groot geworden.’ Bij de KB is het simpel: ‘Iedereen werkt in hetzelfde pand, dus digitale communicatie speelt bij ons een minder grote rol,’ zegt Sanne. ‘We gebruiken het intranet om activiteiten aan te kondigen, maar spreken onze Jong KB-collega’s ook nog even in de wandelgangen aan.’

Bijeenkomsten

‘We houden inhoudelijke bijeenkomsten. Het sociale aspect komt terug in de borrels – een of twee keer per jaar. Het leuke vind ik dat je daar collega’s tegenkomt die je vanuit je functie niet zo gauw spreekt,’ aldus Sanne. ‘Elk jaar gaan we vanuit Jong KB op werkbezoek. Zo zijn we langs geweest bij OCLC en hebben we de gerenoveerde Bibliotheek Zoetermeer bezocht. Ook staat er jaarlijks een training op het programma. In 2018 ging die over “beïnvloeden zonder gedoe”: hoe ervaar je zelf gedoe – dus vervelende situaties, van werk tot in een file staan en te laat op je werk komen – en hoe kun je daarmee omgaan.’

Soms zijn de activiteiten ook voor een breder publiek bestemd. ‘Generatie-expert Aart Bontekoning heeft voor alle KB’ers een presentatie gehouden over de voordelen van de verschillende generaties.’ Ook kan iets beginnen als een Jong KB-initiatief, waarna andere medewerkers aanhaken. Sanne: ‘We hadden het idee om collega’s bij elkaar stage te laten lopen; hiervoor was zoveel belangstelling van collega’s van alle leeftijden dat we het KB-breed hebben getrokken.’ Of het netwerk organiseert spontaan een activiteit. ‘Tijdens de verkiezingen voor de ondernemingsraad (OR) hebben we een lunch georganiseerd voor de OR en Jong KB, zodat we ons een beeld konden vormen van wat deze raad precies doet. Uiteindelijk hebben drie mensen uit ons netwerk zich kandidaat gesteld en zitten ze nu in de OR.’

Op de kaart gezet

JONG archivarissen zette zich in 2018 tijdens de Archiefdagen in Venlo op de kaart met de allereerste verkiezing van de Jonge Archivaris van het Jaar, iets wat op veel media-aandacht kon rekenen. ‘Gezien het succes ervan organiseren we in 2019 weer een verkiezing,’ zegt Kevin.

Verder staat in het voorjaar een JONG archiefbootcamp op stapel. ‘Hierbij nodigen we behalve archivarissen ook vertegenwoordigers van andere vakgroepen uit. Denk bijvoorbeeld aan IT’ers, bibliothecarissen, historici, managers, studenten en docenten. Want het ideale archiefteam is in onze visie heel breed – er zitten niet alleen maar archivarissen in. Elke groep krijgt tijdens die bootcamp een casus voorgelegd. Aan het eind van de dag kiest Marens Engelhard, algemeen rijksarchivaris en directeur van het Nationaal Archief, een van de opgestelde concepten die verder uitgewerkt gaat worden. Met deze bootcamp willen we de boodschap meegeven dat er echt iets moet gaan veranderen in de samenstelling van archiefteams.’

Mentorship

‘De invulling van de inhoudelijke bijeenkomsten van het JBN hebben we in de beginperiode laten afhangen van wat er op ons pad kwam. We hebben bijvoorbeeld een training gehad over communiceren op de werkvloer, en samen met Frank Huysmans organiseerden we een “college” over hoe onze sector in elkaar zit; denk daarbij aan een stukje historie van alle wetten die veranderd zijn. Maar in 2019 willen we meer lijn in onze activiteiten aanbrengen,’ zegt Tamar.

Centraal staan onderwerpen gericht op werving en behoud van medewerkers. ‘Zo zijn we aan de slag gegaan met het generatiedenken, dus à la Aart Bontekoning. In januari hebben we samen met ProBiblio een masterclass jong talent georganiseerd. Hierbij nodigden we een tiental directeuren en JBN’ers uit. Zij zijn voor een periode aan elkaar gekoppeld, met als doel dat de verschillende generaties met elkaar in dialoog gaan.’

Ook JONG archivarissen heeft dergelijke plannen. ‘We willen de behoefte voor een mentorship tussen directeuren van archiefinstellingen en startende archivarissen gaan peilen. Want voor jonge archivarissen blijkt het lastig om hun plek te vinden in archiefinstellingen,’ aldus Kevin. ‘We zien kansen, niet alleen voor onszelf als jonge beroepsgroep maar ook voor de organisaties. Hoewel we vanuit die passie het vak verder willen brengen, worden die kansen niet altijd gegrepen door de organisaties. Dat is ook de reden dat we JONG archivarissen in het leven hebben geroepen.’

Blauwdruk

‘Als JONG archivarissen hebben we in samenwerking met het Kennisplatform Professionalisering op KIA (Kennisnetwerk Informatie en Archief) een blauwdruk geschetst hoe wij de ontwikkeling van de archiefprofessional zien,’ zegt Kevin. ‘We hebben vastgesteld dat de archivaris van oorsprong een generalist is die allerlei taken verricht: van leidinggeven tot op de studiezaal aanwezig zijn. Tegelijkertijd zien we de verschuiving naar een archiefteam, waarbij al die specialisaties zijn ondergebracht bij verschillende medewerkers. In de toekomst denken we ook niet meer institutioneel en in organisaties, maar vooral in netwerken. En mensen werken niet meer voor één organisatie, maar in een pool van waaruit je als archivaris of IT’er voor meerdere archieforganisaties werkt. Dat is ook nodig, omdat de arbeidsmarkt niet meer kan voorzien in fulltime banen.’

Tamar: ‘Het is jammer als alle kennis op één locatie blijft. Ook in onze sector zou het naar ons idee fijn zijn als er een flexpool komt van waaruit mensen op verschillende plekken aan de slag kunnen gaan. Zeker omdat bibliotheken niet altijd in een fulltime contract kunnen voorzien. Ach, het is allemaal niet nieuw of bijzonder, maar we moeten er als jongerennetwerken wel wat mee. We voelen allemaal die urgentie.’

‘Los van de inhoudelijke problemen en uitdagingen waar ieder als professional voor staat, hebben we als netwerken een gemeenschappelijke deler,’ besluit Kevin. ‘We zijn jong, willen presteren, een leuke positie bereiken en daarin staan we voor dezelfde uitdagingen. Hoe spreken we onze directeuren aan als het gaat om onze ideeën, hoe profileren we onszelf? Dat zijn zaken die los van de inhoud staan en waar we kennis kunnen delen.’

Ronald de Nijs is eindredacteur van IP

Deze bijdrage komt uit IP nr. 1 / 2019. Het gehele nummer kun je hier lezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *