Homo deus: dataïsme wordt de religie van de 21e eeuw

Levende wezens zijn eigenlijk niets anders dan biologische algoritmes. Vanuit dit uitgangspunt neemt de Israëlische historicus Yuval Noah Harari de lezer mee in zijn nieuwste boek Homo Deus. Zijn duizelingwekkende reis voert langs de geschiedenis van de mensheid en de huidige wetenschap. Volgens de historicus voorspelt ons verleden een geloofwaardig en huiveringwekkend toekomstscenario: een wereld waarin de mensheid wordt overheerst door zowel data als een boven natuurlijke cyborg-elite. De homo deus is in zicht.

Door: Vincent Janssen

In de 21e eeuw is er meer kans dat de gemiddelde mens sterft door zich vol te proppen bij McDonald’s dan door ebola of Al Qaida. In zijn nieuwste boek, Homo Deus: a Brief History of Tomorrow relativeert Noah Harari nonchalant al onze problemen. De huidige epidemieën, hongersnoden en oorlogen zijn namelijk kinderspel vergeleken met de problemen uit ons verre verleden. Zo stelt het wapengeweld tegenwoordig nog maar weinig voor; het is volgens de auteur vergelijkbaar met andere ‘verwaarloosbare’ doodsoorzaken, zoals het eten van te veel suiker. Verder zijn het zikavirus en IS hoogstens uitdagingen die met goed management bestreden kunnen worden. Homo sapiens staat op het punt al zijn historische problemen achter zich te laten. Maar wat gebeurt er daarna? Harari is bekend als historicus, maar hij deinst er niet voor terug een breed scala aan andere wetenschappelijke disciplines te gebruiken om zijn argumenten kracht bij te zetten. Met behulp van theologische, psychologische, biologische, chemische en zelfs filosofische hypotheses schetst hij de toekomst van de mensheid. En die is niet bepaald rooskleurig.

Supercognitie

Harari toont aan dat de mens technologie en wetenschap tot de 21e eeuw voornamelijk heeft ingezet om haar eigen tekortkomingen te compenseren. Zo gebruiken we gehoorapparaten om als slechthorenden geluid beter waar te nemen, transplantatielongen om weer te kunnen ademen en medicijnen om bijvoorbeeld dementie af te remmen. Maar wat gebeurt er als deze problemen verholpen zijn? Stopt de mensheid dan met experimenteren en uitvinden? Harari denkt van niet. Onszelf veranderen in cyborgs wordt de nieuwe ambitie.

Volgens de historicus is het een volgende logische stap om de technologieën door te ontwikkelen en het lichaam zelfs te ‘upgraden’. Waarom zou je een gehoorapparaat alleen gebruiken als je slecht hoort? Je kunt je het ook inzetten om over bovennatuurlijke zintuigen te beschikken. Met verbeterde longen kun je onder water ademhalen en dankzij medicijnen krijg je de beschikking over supercognitieve vermogens. Als het mogelijk is, zal de mensheid het goddelijke nastreven, vermoedt de auteur. De mens 2.0 zal hierdoor cyborgachtige trekken krijgen.

Paradijs op aarde

Harari start zijn historische betoog met de natuurreligies van de prehistorische mens en werkt daarna via het theïsme en het humanisme naar het heden toe: de periode waarin het liberale individualisme heilig is. Het verwondert hem dat het ‘mens-zijn’ in de loop van de geschiedenis in belang toenam. Waar sommige vroege homo sapiens-stammen nog vriendelijk toestemming vroegen aan een mammoet om hem te mogen opeten, kwamen voor de grote godsdiensten van de afgelopen twee millennia de natuur en het dierenrijk steeds meer op een tweede plaats. Harari noemt deze rangorde, waarbij de gelovige mens zichzelf verhief boven de natuur, een ‘zelfverzonnen hiërarchie’. Desalniettemin geloofde de mensheid er massaal in.

Met evenveel gemak verving de mens in de 20e eeuw zijn geloof in goden door een geloof in cijfers, geld en politieke ideologieën. Kenmerkend voor de moderne tijd is echter dat de mens zijn levenspad niet meer ophangt aan een goddelijke kosmos: ‘Er wacht ons geen paradijs na de dood – maar we creëren het paradijs op aarde, en proberen er voor eeuwig in te leven. We hoeven alleen maar een paar technische moeilijkheden te overwinnen,’ aldus Harari. Het streven naar onsterfelijkheid in dit aardse paradijs is volgens de auteur de gevaarlijkste drijfveer die de mensheid ooit zal kennen.

Kattenvideo’s

God is alweer een tijdje dood, net als de eeuwige ziel, schrijft Harari. Het enige wat nog telt, is de hedendaagse mens zelf. Zo weet de individuele consument zelf wat het beste is voor zijn land en de economie. Daar komt geen goddelijkheid uit het wolkenparadijs meer aan te pas.

De antwoorden op vragen over de toekomst (bijvoorbeeld de gevaren van kunstmatige intelligentie of de potentie van nanotechnologie) zijn volgens hem niet te vinden in de Bijbel of de Koran. Ze zijn alleen nog maar te verkrijgen via de – ‘heilige’ – datasets en algoritmes.

Harari laat zien dat data en persoonsgegevens de meest waardevolle valuta van deze eeuw zijn. Vrije wil, bewustzijn en zelfs privégedachtes zijn volgens de auteur niets anders dan biochemische algoritmes in ons brein. Het menselijk handelen is dan ook te berekenen en reproduceren met behulp van computerkracht. Algoritmes zullen daarom in de toekomst de vrije wil van de mens overheersen. Door de almaar toenemende hoeveelheid data en algoritmes verwacht Harari bijvoorbeeld dat Google er beter in zal slagen om voor ons een levenspartner te vinden dan wijzelf. Het voorwerk is immers al gedaan: we hebben veel van onze persoonlijke data weggeven ‘in ruil voor e-mailservices en grappige kattenvideo’s’.

Nutteloze massa

De ‘trein der vooruitgang’ maakt zich klaar voor vertrek en het zal volgens de historicus de laatste zijn die het station van de homo sapiens verlaat. Wie deze trein mist, zal voor eeuwig een achtergestelde positie in de wereld bekleden. De upgrade naar homo deus blijkt namelijk niet voor iedereen te zijn weggelegd.

Neem bijvoorbeeld de werkgelegenheid. In tegenstelling tot andere futuristen ziet Harari weinig mogelijkheden om de grootschalige verdwijning van arbeidsplaatsen op te vangen met nieuwe banen. De anorganische entiteiten zullen het grootste deel van het menselijke werkkapitaal overbodig maken. Het gevolg is een nieuwe sociale klasse: de nutteloze massa.

Zelfs de meeste hoogopgeleiden zullen in zijn toekomstbeeld deel gaan uitmaken van het functieloze plebs. Ter illustratie: epidemiologen zijn vandaag de dag veel trager in het herkennen van een griepepidemie dan Google Flu Trends, die automatisch epidemie-alerts afgeeft als veel mensen in de zoekmachine zoeken naar griepklachten.

Deze wetenschap dwingt Harari tot de vraag: als goden, bedrijven, geld en andere zelfverzonnen krachten macht over de menselijke vrije wil kunnen verkrijgen, waarom zouden algoritmes dit in de toekomst dan ook niet kunnen doen? Het feit dat hij geen enkel bezwaar kan bedenken, is beangstigend.

Cyborg-elite

De enige troost die Harari biedt is dat de algoritmes niet in hun eentje zullen regeren over de nutteloze massa. Ze worden bijgestaan door een kleine elite die een toegangskaartje heeft bemachtigd voor de eersteklascoupé in de trein der vooruitgang. Alleen de allerrijksten zijn straks in staat om de technologische ontwikkelingen bij te benen en hun lichaam te upgraden tot goddelijke cyborgs. Dat geeft ze de macht om de supercomputers, die schuilgaan achter de algoritmes, naar hun hand te zetten.

De kloof tussen deze technocratische cyborg-elite en de nutteloze menigte is groot. Bovendien is die kloof niet enkel gebaseerd op inkomen, maar ook op biologische verschillen. Harari verwacht dat de denkkracht van de homo deus vele malen groter zal zijn dan die van de homo sapiens. Met de modernste technologieën katapulteren we de mensheid naar een nieuw evolutionair stadium – en zetten we Darwins theorie in de hoogste versnelling.

Leeg gevoel

Harari biedt een allesomvattend en episch betoog, en doet dit met een bewonderenswaardig complexe verhaallijn. Hij vergt het uiterste van het denkvermogen van zijn lezers, waardoor men soms, met veel moeite, even het boek weg moet leggen om de implicaties van zijn ijzige argumenten te kunnen verwerken. De geschetste vergezichten worden ondersteund door wetenschappelijke verklaringen en onomstotelijke feiten, hetgeen een verontrustend effect op het gemoed van de lezer heeft.

Na het omslaan van de allerlaatste pagina laat Homo Deus de lezer achter met een leeg gevoel. Is dit het enige boek dat er nog toe doet? Want alles wat ooit geschreven is, van de Bijbel tot aan Marx en Richard Dawkins, heeft zijn betekenis verloren door Harari’s nihilisme.

Gitzwart?

Dataïsme wordt volgens Harari de religie van de 21e eeuw. Het is een religie die volledige overgave van het individu vereist. In deze samenleving is er geen plaats meer voor privacy, copyright, paywalls en zelfs niet voor sentiment. Al onze data moeten we afstaan.

Het is te hopen dat de historicus het bij het verkeerde eind heeft. Maar iedere keer als we de nieuwe Google-voorwaarden accepteren, op Facebook aangeven waar we onze vakanties vieren en op internet zoeken naar griepklachten, komt het dataïsme een stapje dichterbij.

Gelukkig is de gitzwarte toekomstvoorspelling van Harari slechts een van de mogelijke toekomstscenario’s: er is genoeg ruimte om onze gezamenlijke reis bij te sturen. Anders moeten we machteloos toekijken hoe Zuckerberg, Page en andere vlagdragers van Silicon Valley onverbiddelijk in de trein der vooruitgang het perron verlaten.


Yuval Noah Harari

Yuval Noah Harari is een Israëlische historicus en professor bij de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem. Naar aanleiding van zijn postdoc onderzoek heeft hij meerdere boeken geschreven over laatmiddeleeuwse oorlogsvoering. Het duurde echter tot 2011 voordat zijn werk een groter publiek bereikte. Homo Deus is namelijk het vervolg op Harari’s bestseller Sapiens: A Brief History of Humankind. In Sapiens, dat voor het eerst in het Hebreeuws verscheen en ook in het Nederlands is vertaald, legt Harari uit hoe de mensheid kon uitgroeien tot de belangrijkste diersoort op aarde. Spoiler alert: het vermogen om in enorme collectieven samen te werken maakt, aldus de historicus, de mensheid uniek. Hierdoor heeft de homo sapiens, en niet de chimpansee of de neanderthaler, piramides weten te bouwen, bureaucratieën kunnen creëren en het internet uitgevonden.


Homo Deus; A Brief History of  Tomorrow. Yuval Noah Harari | 448 pagina’s | Vintage Publishing | 9781910701874 | 2016


Vincent Janssen is redacteur van IP en specialist Scientific Information bij de Maastricht University Library.

Deze bijdrage komt uit IP nr. 9 / 2016. Het gehele nummer kun je hier lezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *