NVB 100: Een kleine geschiedenis van de NVB, dé beroepsvereniging van informatieprofessionals

Door: Ans ter Woerds 

Als het in 1912 aan een paar bibliothecarissen van de Koninklijke Bibliotheek en enkele universiteiten had gelegen, was de NVB er nooit gekomen. In februari van dat jaar hadden namelijk zeven medewerkers van de Universiteitsbibliotheek Utrecht een circulaire verspreid, waarin zij een oproep deden om een bijeenkomst te beleggen. Een bijeenkomst die als doel had om een organisatie in het leven te roepen waarin bestuurders en ambtenaren (bibliothecarissen, conservatoren, amanuenses en assistenten), verbonden aan de ‘Nederlandsche openbare boekerijen’, zich konden verenigen: ‘Eene vereeniging, die alles, wat het bibliotheekwezen betreft, krachtig zou willen behartigen en ook de belangen zou kunnen bevorderen van allen, die aan eene openbare instelling eene levenspositie hebben gevonden.’

Vier maanden later, op 9 juni, vond in Utrecht die bewuste vergadering plaats. 22 vakgenoten bespraken de ontworpen statuten en stelden een voorlopig bestuur samen. De oprichting van de Nederlandsche Vereeniging van Bibliothecarissen en Bibliotheek-ambtenaren (NVB) was een feit.

Nóg een vereniging

Al snel kwamen er negatieve reacties vanuit de eerder genoemde club van bibliothecarissen, afkomstig van de Koninklijke Bibliotheek, de drie rijksuniversiteiten (Leiden, Utrecht en Groningen) en de Technische Hogeschool Delft. Nog diezelfde maand richtten ook zij een genootschap op: de Vereeniging van Nederlandsche Bibliothecarissen. Zij stond bekend als het ‘directeurenclubje’.

Interessant om te melden is dat minister-president Abraham Kuyper deze heren al in 1902 bij zich had ontboden en hen de les had gelezen in bibliotheekzaken: zij moesten eendrachtig en collegiaal handelen, zodat verspilling van nationaal vermogen voorkomen zou worden. De premier hield de heren voor dat onderling overleg in literatuuraanschaf was geboden, evenals uniformering van de regels van titelbeschrijving, een centrale catalogus en afspraken over taakverdeling bij de collectievorming. Pruisen was daarbij zijn grote voorbeeld.

Wellicht heeft Kuypers interventie in 1902 aan de oprichting van deze vereniging ten grondslag gelegen, omdat de leden bang waren dat de NVB zich zou opwerpen als belangenbehartiger van het bibliotheekwezen in het algemeen, een taak die zij eigenlijk voor zichzelf weggelegd zagen.

Het eerste jaar

In het eerste verenigingsjaar kwamen op 27 oktober de statuten en het reglement tot stand en traden de 22 aanwezige vakgenoten toe als NVB-lid. De koninklijke goedkeuring van de statuten kwam af bij besluit van 14 december 1912. De artikelen 3 en 4 van de statuten gaven aan welk doel de vereniging zich stelde: ‘Het bevorderen van het bibliotheekwezen en de belangen van de daaraan verbonden ambtenaren door te streven naar eene wettelijke regeling van het openbare bibliotheekwezen, het houden van vergaderingen en voordrachten, het uitgeven van mededeelingen, hetzij afzonderlijk of in een daartoe aan te wijzen vakblad, het oprichten en in stand houden eener vakbibliotheek, en andere aan het doel bevorderlijke wettige middelen.’

Na een statutenwijziging in 1913 konden, naast persoonlijke leden, ook verenigingen en instellingen op bibliotheekgebied zich als lid aanmelden. De eerste die daarvan gebruik maakte, was… het ‘directeurenclubje’. Het zou al snel als corporatief lid met de NVB versmelten.

Ledental groeit

Aangezien het bestuur niet alle activiteiten zelf kon ontplooien, stelde zij al snel diverse commissies in; de allereerste commissie wijdde zich aan studiebelangen. Verder werd een eigen bibliotheek voor vakliteratuur geopend en werd begonnen met het organiseren van bibliotheekdagen. Een vaktijdschrift kwam er ook: de samenwerking tussen NVB en de in 1908 opgerichte CV, de Centrale Vereniging voor openbare leeszalen en bibliotheken, leidde in 1916 tot de oprichting van het blad Bibliotheekleven.

De NVB bleek met al haar activiteiten tegemoet te komen aan de toenemende behoefte in de bibliotheekwereld aan samenwerking en informatie-uitwisseling. En dat vertaalde zich in een ledenaantal dat gestaag groeide, zie de grafiek hieronder:

grafiek verloop NVB-leden in 100 jaar

Bibliothekendag

Langzaam maar zeker ontstond een vast patroon in haar activiteiten: het werk in de commissies, een enkele buitenlandse excursie (zoals in 1929 naar Vlaanderen en in 1931 naar Düsseldorf) en de ontvangst van buitenlandse collega’s. Omdat de leden behoefte hadden aan nog meer onderling contact, nam het aantal bijeenkomsten met lezingen en discussies toe. Al in 1917 maakte de NVB een begin met het uitbreiden van de jaarlijkse ledenvergadering met een zogenaamde Bibliothekendag, waar vakgenoten van de meest uiteenlopende bibliotheken elkaar konden ontmoeten. In 1923 besloot het bestuur de ledenvergadering en de Bibliothekendag samen te laten vallen met het Bibliothecarissencongres, dat in dat jaar in Arnhem zou plaatsvinden. In 1928 veranderde de naam Bibliothecarissencongres in Bibliotheekcongres.

Tot op de dag van vandaag zijn de NVB-congressen grote evenementen, met een keur aan lezingen, workshops en standhouders, die productontwikkelingen op het vakgebied tonen. Het Lustrumcongres geeft aan deze dag een feestelijke draai vanwege het 100-jarig bestaan.

Op studiereis

Naast congressen en ‘kijkjes in de keuken’ bij diverse instellingen staan op het programma ook workshops, seminars, cursussen en themabijeenkomsten over allerlei onderwerpen die bij de doelgroep leven en die veelal in het kader van een permanente educatie plaatsvinden. De afdelingen c.q. clusters nemen hiertoe meestal het initiatief.

Ook studiereizen nemen nog steeds een belangrijke plaats in binnen de activiteiten van de afdelingen. Sinds 1976 organiseert de Afdeling Wetenschappelijke Bibliotheken bijvoorbeeld studiereizen voor collega’s naar het buitenland. De eerste had een bescheiden opzet en leidde naar Antwerpen en Brussel. In 2011 voerde de 25e studiereis, sinds 2000 samen met de Afdeling Hogeschoolbibliotheken georganiseerd, naar Canada.

Deze reizen zijn een groot succes. De deelnemers trekken een tijd met collega’s op, zien veel ontwikkelingen op internationaal gebied en spreken daar met elkaar over; uit die contacten ontstaan vaak waardevolle netwerken. De meeste studiereizen sluiten af met een symposium in samenwerking met de bezochte bibliotheken.

Bibliothecarissen versus documentalisten

De ontwikkelingen binnen de NVB volgen de ontwikkelingen binnen het bibliotheekwezen in Nederland. Deze verwevenheid is bijvoorbeeld te zien in de ontwikkeling van de afdelingsstructuur. In 1941 werd met de oprichting van een Sectie voor Speciale Bibliotheken op het gebied van handel en industrie (SSB) een begin gemaakt met de vorming van afdelingen binnen de vereniging. Een groep bibliothecarissen die binnen bedrijven en instellingen met literatuurrecherche, attendering en het bijeenbrengen van documentatie voor eigen bedrijf bezig was, zag de noodzaak van een speciale afdeling voor deze collega’s binnen de vereniging. Rapportliteratuur, vooral van technische aard, nam in de tweede wereldoorlog sterk toe en daarmee werd het vak documentatie in deze donkere periode van Nederland volwassen.

De overleggroep Bibliotheek-Documentatie verbeterde tijdens de oorlog de verstandhouding tussen bibliothecarissen en documentalisten, tot dan twee gescheiden culturen, zeer. De SSB werd dan ook geen aparte organisatie, maar een afdeling van de NVB. Al snel ontstonden daarbinnen werkgroepen en commissies, met elk hun eigen besturen en bijeenkomsten.

Nog meer secties

Na de oorlog, in 1948, zag de Sectie Wetenschappelijke Bibliotheken (SWB) het licht, toen bleek dat er behoefte was aan contact tussen gelijkgestemde bibliothecarissen. In de loop der jaren ontstonden binnen de SWB diverse werkgroepen: Economie & Bedrijfswetenschappen, Filosofie, LOOWI (Landelijk Overleg Onderwijs Wetenschappelijke Informatie), Sociaal Wetenschappelijke Informatie en Speciale Wetenschappelijke Bibliotheken. In 1976 kregen ook de Hogeschoolbibliotheken een eigen afdeling. Beide afdelingen zijn in 2011 opgegaan in de Afdeling O&O (Onderwijs en Onderzoek).

Een Groep Medische Bibliotheken werd in 1953 binnen de SWB opgericht en vormde later de Afdeling Biomedische Informatie (BMI). Deze afdeling stelt zich ten doel om de kwaliteit van de biomedische informatie- en literatuurvoorziening in Nederland te bevorderen.

Andere specialisten zochten elkaar ook op en vormden eigen afdelingen: Juridische Informatie (JI, 1960), Literatuuronderzoekers (LI, 1961), VOGIN / Vereniging van Online Gebruikers in Nederland (1977), Serials Group (SG, 1991) en Openbare bibliotheken (OB, 1991).

In 1975 verloor de NVB zo’n 2.400 leden door de opheffing van de CV/NVBovereenkomst, die het gevolg was van de oprichting van het NBLC (Nederlands Bibliotheek en Lectuur Centrum). In de jaren negentig echter voegden VOGIN en de groep individuele NBLC-leden uit de openbare bibliotheeksector zich weer bij de NVB. Dit verloop is goed te zien in de grafiek eerder in dit artikel.

Regionale netwerken

Begin 21e eeuw gingen afdelingen samen om synergie te zoeken met ‘gelijkgestemden’, maar vooral ook om makkelijker bestuursleden te vinden. Nu kent de NVB vier clusters:

  1. PRISSMA (voorheen de afdelingen Literatuuronderzoekers, VOGIN en CIS / Corporate Intelligence Society)
  2. Onderwijsbibliotheken: O&O / Onderwijs & Onderzoek (voorheen de afdelingen HB en WB). Er was even sprake van dat de LWSVO (schoolmediathecarissen) zich ook zou aansluiten, maar in 2011 heeft deze werkgroep besloten zelfstandig te blijven),
  3. Openbare Bibliotheken en
  4. Speciale Bibliotheken: Biomedische Informatie, Juridische Informatie en Speciale Bibliotheken.

Naast deze ‘verticale’ indeling in secties en studiecentra, ontstond vanaf 1945 een ‘horizontale’ en regionale indeling in kringen. De regionale indeling is losgelaten. Wel zijn er – los van de NVB – verschillende regionale netwerken ontstaan. Deelnemers van deze netwerken kunnen lid zijn van de NVB, maar zijn vaak ook breder werkzaam dan alleen in de informatiedienstverlening, bijvoorbeeld binnen communicatie, media en ICT.

Uitgeversrol

Vanaf het begin rekende de vereniging ook het uitgeven van publicaties op bibliotheekgebied tot haar activiteiten. NVB en CV sloten in 1927 een samenwerkingsovereenkomst. Uit die samenwerking kwamen onder andere voort: de oprichting van de Gemeenschappelijke Commissie voor de Uitgave van Geschriften en het door deze commissie ingestelde Uitgeversfonds der Bibliotheekverenigingen in ’s-Gravenhage.

De eerste belangrijke publicatie betrof in 1913 de door het bestuur samengestelde Nederlandsche Bibliotheekgids. Een jaar later volgde Niederländisches Bibliothekswesen, ein Übersicht in acht Aufsätzen, bestemd voor verspreiding in het buitenland. Deze uitgave ter gelegenheid van de internationale tentoonstelling van het boekwezen in Leipzig kwam tot stand in samenwerking met de CV en met steun van de Nederlandse regering. Ook al ging de tentoonstelling door het uitbreken van de eerste wereldoorlog niet door, het is bijzonder dat deze beknopte Nederlandse bibliotheekgeschiedenis uitgerekend in een Duitse editie verscheen!

In latere jaren stimuleerde de NVB, al dan niet in samenwerking met anderen, het (doen) verrichten van onderzoek en het publiceren van de resultaten. Denk bijvoorbeeld aan onderwerpen als functiewaardering en arbeidsmarktonderzoek. Tevens verschenen er publicaties in de reeks Monografieën.

Ontwikkelingen in vakbladen

Behalve op boekuitgaven richtte de NVB haar pijlen ook op vakbladen. Van 1916 tot 1968 gaf zij samen met de Centrale Vereniging voor Openbare Bibliotheken het eerder genoemde tijdschrift Bibliotheekleven uit. Eveneens onder gezamenlijke vlag verscheen vanaf 1958 het blad Openbare Bibliotheek, dat in 1973 verder ging als Bibliotheek en Samenleving (nu: Bibliotheekblad).

Open, de opvolger van Bibliotheekleven, was lange tijd het ‘lijfblad’ van de NVB en verscheen van 1969-1996. Vanaf 1 januari 1997 werd het tijdschrift losgekoppeld van de NVB en ging samen met LOGIN van VOGIN op in het nieuwe magazine InformatieProfessional, een uitgave van Otto Cramwinckel Uitgever. Met ingang van 2013 vindt er weer een koppeling plaats tussen het lidmaatschap van de NVB en een abonnement op InformatieProfessional.

Opleiden voor het vak

Mede door de in 1941 opgerichte Sectie Speciale Bibliotheken werd het belang van een goede vakopleiding onderkend. Na de oorlog, in 1946, werd de eerste, succesvolle cursus georganiseerd voor in de praktijk werkzame bibliothecarissen van bedrijfsbibliotheken. Later volgde een cursus voor bedrijfsarchivarissen.

Omdat er in het gehele bibliotheekveld steeds meer behoefte ontstond aan goede vakopleidingen, richtten het Nederlands Instituut voor Documentatie en Registratuur (NIDER) en de NVB in 1950 gezamelijk de GO (Gemeenschappelijke Opleidingscommissie) op. Sinds 2009 is ze onderdeel van KBenP (Koenen Baak en Partners).

In 1964 opende in Amsterdam de eerste ‘bibliotheekacademie’, de zogeheten Frederik Muller Academie, haar deuren; later volgden ook academies in Tilburg (1968) en Groningen (1969). In de jaren zeventig konden studenten ook terecht bij de bibliotheekacademie in Den Haag (1971), Sittard (1975) en in Deventer (1975). Deze driejarige voltijds hbo-opleidingen trokken veel studenten.

In 1986 werd de Stichting Bibliotheek- en Documentatie Academies opgeheven toen de opleidingen bij de herstructurering van het hbo ondergebracht werden bij hogescholen en daar elk een eigen ontwikkeling doormaakten onder de naam BDI (Bibliotheek en Documentaire Informatie) en later IDM (Informatiedienstverlening en -management). Een specifieke ‘bibliotheekopleiding’ bestaat niet meer.

Een wetenschappelijke opleiding op het eigen vakgebied deed in 1964 zijn intrede: de postdoctorale Opleiding tot Wetenschappelijk Bibliothecaris (OWB) bij de Universiteit van Amsterdam. In 1987 ontstond de postdoctorale tweedefaseopleiding ODI (Opleiding Documentaire Informatiekunde), waarin informatietechnologie en management ruime aandacht kregen. Sinds 1991 bestaat de reguliere universitaire opleiding onder de naam Boek- en Informatiewetenschap, nu Mediastudies genoemd.

Vooruitkijken

Samenvoegingen van bestaande afdelingen en samenwerking met andere verenigingen liggen nu in het verschiet. Tevens wil de NVB zich associëren met aanpalende beroepsverenigingen en met relevante private instellingen in de sector tot het toonaangevende platform voor het gehele beroepsveld.

Belangenbehartiging en lobby richting overheid zijn daarbij wezenlijke taken waar de NVB zich meer op zou moeten richten. Het artikel van Marian Koren in dit nummer van InformatieProfessional geeft een goed beeld van de geschiedenis en huidige strategie van internationale bibliotheekverenigingen. De NVB kan zeker een aantal hiervan tot voorbeeld nemen en initiatieven ontplooien die voor de Nederlandse informatiewereld en haar professionals van belang kunnen zijn.


Het allereerste bestuur

Het eerste NVB-bestuur bestond uit een werkgroep van nog betrekkelijk jonge, actieve vakgenoten en weerspiegelde in zijn samenstelling de verschillende kanten van het bibliotheekwerk. Als voorzitter trad aan dr. T.P. Sevensma, conservator Universiteitsbibliotheek Amsterdam; secretaris was G.A. Evers, ambtenaar Universiteitsbibliotheek Utrecht, en als penningmeester fungeerde dr. C.A. Steenbergen, bibliothecaris ‘Ons Huis’, Amsterdam en het Nuts-bibliotheekwerk. Als bestuursleden traden aan: mejuffrouw N. Snouck Hurgronje, directrice Openbare Leeszaal Dordrecht, en J.D.C. van Dokkum, ambtenaar Universiteitsbibliotheek Amsterdam.


Oorlogsjaren 1940-1945

De eerste antisemitische maatregel van de bezetter kwam eind 1940: ambtenaren waren verplicht een ariërverklaring in te vullen, met als gevolg dat joden in overheidsdienst ontslagen werden. Na het vertrek van het joodse personeel in bibliotheken volgde de uittocht van boeken van joodse auteurs en weer later ook van joodse lezers. In de oorlogsjaren was er een enorme leeshonger, veroorzaakt door gebrek aan amusement en het gevaar om zich op straat te begeven. Met name in 1942 en 1943 leenden openbare bibliotheken vaak twee tot drie keer zoveel uit als in 1939. Het was dan ook een teleurstelling voor de leeszaalmedewerkers dat 1945 een scherpe daling van het gebruik liet zien.

Op een paar bestuurdersvergaderingen na lag het verenigingsleven van de NVB in deze jaren stil. De activiteiten werden pas in 1947 hervat met de achttiende editie van het congres in Hilversum.


1912: 9 juni: Oprichtingsvergadering NVB Nederlandsche Vereeniging van Bibliothecarissen en Bibliotheekambtenaren met 22 leden

1916: Bibliotheekleven, orgaan van de Centrale Vereniging voor Openbare Leeszalen (CV) en de NVB, begint zijn eerste (van 53) jaargangen

1917: 17 mei: Eerste Bibliotheekdag te Zwolle 1923: 4 juni: Eerste bibliothecarissencongres te Arnhem

1927: Samenwerkingsovereenkomst tussen de CV en de NVB met regelingen voor een gecombineerd lidmaatschap, bibliotheekcongres, tijdschrift, uitgave van geschriften en buitenlandse betrekkingen

1928: Vierdaags bezoek Vlaamse bibliothecarissen

1941: 29 oktober: Oprichting Sectie voor Speciale Bibliotheken onder leiding van dr. L.J. van der Wolk

1948: 4 mei: Oprichting Sectie Wetenschappelijke Bibliotheken

1950: 13 januari: Installatie van Gemeenschappelijke Opleidingscommissie (GO) van NIDER (Nederlandsch Instituut voor Documentatie en Registratuur) en NVB

1953: 23 oktober: Groep Medische Bibliotheken binnen de SWB opgericht; later voortgezet als BMI Biomedische Informatie

1959: 25 juni: Besluit tot oprichting Groep Juridische Bibliotheken binnen SWB (officieel in 1960)

1960: 2 mei: Inaugurele rede van prof.dr. L. Brummel, eerste hoogleraar Bibliotheekwetenschap op de bijzondere leerstoel, door de NVB gevestigd bij de Universiteit van Amsterdam

1962: 28-29 mei: Viering 50-jarig bestaan van de NVB in het Kurhaus in Scheveningen

1969: Januari: Bibliotheekleven (1916-1968) wordt voortgezet als Open

1975: 1 januari: Centrum voor Literatuuronderzoekers (CLO) sluit zich aan bij NVB. 1 februari: Opheffing van de overeenkomst CV/NVB

1976: 12 mei: NVB-afdeling Hogeschoolbibliotheken opgericht

1977: 28 oktober: Oprichting Vereniging van online gebruikers in Nederland (VOGIN)

1980: 1 mei: Mevr. H.J. (Han) Krikke-Scholten treedt in dienst als uitvoerend secretaris van de NVB

1982: 1 mei: Automatisering van de NVB-ledenadministratie

1987: 29 april: Lustrumbijeenkomst 75 jaar NVB in de Pieterskerk in Utrecht

1991: NVB-afdeling Openbare Bibliotheken opgericht

1995: VOGIN (zie 1977) treedt toe tot NVB

1997: Tijdschrift Open (zie 1969) wordt voortgezet als InformatieProfessional. Bibliotheek en Samenleving wordt voortgezet als Bibliotheekblad

2011: LWSVO (Landelijke Werkgroep voor Schoolmediathecarissen in het Voortgezet Onderwijs) besluit geen afdeling van NVB te worden. Het ledental van de NVB daalt dramatisch, aangezien de LWSVO-leden al enige jaren als aspirant-lid tot de NVB gerekend werden.

2012: 15 november: Viering 100 jaar NVB in het Beatrixtheater in Utrecht!


NVB in namen

  • Nederlandsche Vereeniging van Bibliothecarissen en Bibliotheek-ambtenaren (1912-1928)
  • Nederlandsche Vereeniging van Bibliothecarissen (1928-1976)
  • Nederlandse Vereniging van Bibliothecarissen, Documentalisten en Literatuuronderzoekers (1976-1999)
  • Nederlandse Vereniging voor Beroepsbeoefenaren in de bibliotheek-, informatie- en kennissector (1999-heden: formeel) • NVB dé beroepsvereniging van informatieprofessionals (informeel sinds 2010)

Voorzitters op een rij

1912-1923 Dhr. dr. T.P. Sevensma (OLB Amsterdam)

1923-1930 Dhr. dr. J. ter Meulen (Bibliotheek Vredespaleis)

1930-1934 Dhr. dr. J.S. Theissen (UB Amsterdam)

1934-1940 Dhr. dr. H. de Buck (UB Groningen)

1940-1942 Dhr. dr. Ir. A. Korevaar (Bibliotheek TH Eindhoven)

1942-1946 Dhr. dr. J.H. Kernkamp (KB Den Haag)

1946-1953 Dhr. mr. H. de la Fontaine Verwey (UB Amsterdam)

1953-1954 Dhr. G.A. van Riemsdijk (OLB Amsterdam)

1954-1960 Dhr. dr. A. Kessen (UB Leiden) 1960-1961 Dhr. drs. C. van Dijk (OLB Haarlem)

1961-1963 Dhr. prof.dr. L. Brummel (KB Den Haag)

1963-1965 Dhr. dr. S. van der Woude (UB Amsterdam)

1965-1972 Dhr. dr. P.J. van Swigchem (OB Den Haag)

1972-1975 Dhr. drs. J.J.B. van Eijk van Voorthuijsen (NOCI Den Haag)

1975-1983 Dhr. mr. J.R. de Groot (UB Leiden)

1983-1987 Dhr. drs. A.H.H.M. Mathijsen (Bibliotheek Diergeneeskunde Utrecht)

1987-1992 Dhr. dr. G.A.J.S. van Marle (UB Twente)

1992-1993 Dhr. dr. A.C. Klugkist (UB Groningen)

1993-1996 Dhr. drs. C.T.J. Klijs (Bibliotheek TU Eindhoven)

1996-1998 Mevr. drs. H.C. Kooijman-Tibbles (Bibliotheek ISS Institute of Social Studies)

1998-1999 Dhr. B.R. Klaverstijn (Ministerie van VWS)

1999-2008 Dhr. drs. J.S.M. Savenije (UB Utrecht)

2008-2009 Dhr. J.F. Malschaert (ACTA-Advies)

2009-2010 Dhr. drs. B. van der Meij (Bart van der Meij Advies)

2010-… Dhr. M.G. Wesseling (Bibliotheek ISS Institute of Social Studies)


Leden van Verdienste

In de loop der jaren zijn diverse personen die zich op velerlei terrein voor de NVB en het bibliotheekwezen hebben ingezet, tot Lid van Verdienste gemaakt.

1961 Dhr. dr. T.P. Sevensma

1963 Dhr. prof.dr. Dr. L. Brummel

1982 Mevr. mr. M. Wijnstroom

1982 Dhr. drs. J.J.B. van Eijk van Voorthuijsen

1985 Dhr. drs. H. Sleurink

1987 Dhr. A. van der Laan

1987 Dhr. dr. P.J. van Swigchem

1987 Dhr. drs. A.L. van Wesemael

1990 Dhr. O. Sybrandij

1990 Dhr. D. Reumer

1990 Dhr. mr. W.R.H. Koops

1992 Dhr. drs. A.H.H.M. Mathijsen

1992 Dhr. drs. G. Koers

1992 Dhr. dr. R.L. Schuursma

1997 Mevr. H.J. Krikke-Scholten

1997 Dhr. drs. J.J.M. van Gent

2012 Dhr. prof.dr. J.S. Mackenzie Owen


Literatuur

  1. Goinga-van Driel, J. van, A.H.H.M. Mathijsen, E.J. Slot (red.). Een kwarteeuw bibliotheek en documentatie in Nederland. Den Haag: Nederlands Bibliotheek en Lektuur Centrum, 1987. Publikaties van de NVB, 1.
  2. Kossmann, F.K.H. Geschiedenis van de Nederlandse Vereniging van Bibliothecarissen 1912 tot 1962. ‘s-Gravenhage: Uitgeversfonds der Bibliotheekverenigingen, 1962.
  3. Schneiders, Paul. Nederlandse bibliotheekgeschiedenis: van Librije tot virtuele bibliotheek. Den Haag: NBLC, 1997.
  4. Jaarverslagen NVB.
  5. Onderzoek in bibliotheek- en informatiewetenschap: een verkenning. Samenvattingen van de lezingen gehouden tijdens het congres in de ‘Leeuwenhorst’, te Noordwijkerhout op 23 en 24 juni ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de NVB. Amsterdam: Elsevier Science Publishers, 1987.

Ans ter Woerds is coördinator NVB100 Lustrumcommissie en redacteur van InformatieProfessional.

Met dank aan Sjoerd Koopman.

Deze bijdrage komt uit IP nr. 11 / 2012. Het gehele nummer kun je hier lezen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *